Beknopt overzicht moedertaalprogramma's
Eerste klas Tweede klas Derde tot en met vijfde klas Zesde klas
MOEDERTAAL
- Naam van een programma
- Omschrijving van een programma
e e r s t e k l a s
01. Spiegelbeeldwoorden : visueel
01. Spiegelbeeldwoordparen zoals raam – maar aanklikken, vormen en lezen
02. Spiegelbeeldwoorden : auditief
02. Bij spiegelbeeldwoordparen zoals kat – tak het gehoorde woord aanklikken.
03. Structuurreeksen--lat
03. Bij structuurreeksen zoals b a l - d a l - g a l - ... de ontbrekende beginletter
invullen.
04. Structuurreeksen--kaas
04. Bij structuurreeksen zoals b a a s - h a a s - k a a s- ... de ontbrekende beginletter
invullen.
05. Structuurreeksen--poes
05. Bij structuurreeksen zoals b o e l - d o e l - k o e l- ... de ontbrekende beginletter
invullen.
06. Knip-pink
06. Eénlettergrepige woordparen zoals knip – pink aanklikken, vormen en lezen
07. Plaatjesdictee--zwaan
07. Eénlettergrepige woorden zoals boom, zwaan, hert vormen en schrijven bij
aanbieding van afbeelding.
t w e e d e k l a s
08. Slang-langs-glans
08. Eénlettergrepige trio's zoals slang – langs – glans aanklikken, vormen en lezen
09. Wal+vis
09. Samengestelde woorden zoals bal–pen vormen en lezen
10. Plaatjesdictee-fruitkorf
10. Tweelettergrepige woorden zoals fruitkorf vormen en schrijven bij aanbieding van
afbeelding.
11. Dictee-speelt - spleet
11. Visueel en auditief dictee van woordparen zoals klas – slak en van -trio's zoals
kerst – sterk – strek.
12. Dictee-sneeuw
12. Visueel dictee van woorden met eu, ui, eeu, ieu, aai, oei, ooi en uw
d e r d e t o t e n m e t v ij f d e k l a s
13. Voetbal+wedstrijd
13. Samengestelde woorden zoals voetbal–wedstrijd vormen en lezen
14. Plaatjesdictee-kleurpotloden
14. Woorden zoals indianentent vormen met lettergrepen en schrijven bij aanbieding
van afbeelding.
15. Dictee--dwergmuts
15. Visueel en auditief dictee van tweelettergrepige woorden zoals kerstmarkt.
16. Dictee--telefoneren
16. Visueel en auditief dictee van meerlettergrepige woorden zoals verschillende.
17. Enkel-dubbel-1
17. Verenkeling en verdubbeling : woorden aanklikken
18. Enkel-dubbel-2
18. Verenkeling en verdubbeling : woorden typen
19. Pv-tt-dansen
19. Persoonsvormen in de tegenwoordige tijd van werkwoorden zoals dansen
20. Pv-tt-wuiven
20. Persoonsvormen in de tegenwoordige tijd van werkwoorden zoals wuiven en lezen
21. Pv-tt-rijden
21. Persoonsvormen in de tegenwoordige tijd van werkwoorden zoals rijden en rusten
22. Pv-tt-herhaling
22. Persoonsvormen in de tegenwoordige tijd van werkwoorden zoals dansen, wuiven,
lezen en rijden
23. Pv-vt-dansen
23. Persoonsvormen in de verleden tijd van werkwoorden zoals dansen
24. Pv-vt-rusten
24. Persoonsvormen in de verleden tijd van werkwoorden zoals melden en rusten
25. Pv-vt-vragen
25. Persoonsvormen in de verleden tijd van werkwoorden zoals vragen
26. Pv-vt-rijden
26. Persoonsvormen in de verleden tijd van werkwoorden zoals rijden en fluiten
27. Pv-vt-herhaling
27. Persoonsvormen in de verleden tijd van werkwoorden zoals dansen, rusten,
vragen en rijden
z e s d e k l a s
28. Deelwoord--versierd-beslist
28. Voltooide deelwoorden van werkwoorden zoals versieren, beslissen, ... ,
herkennen, vormen en schrijven.
29. Deelwoord--gespeeld-gewerkt
29. Voltooide deelwoorden van werkwoorden zoals spelen, werken, ... , herkennen,
vormen en schrijven.
30. Deelwoord--uitgesteld-opgelost
30. Voltooide deelwoorden van ww. zoals uitstellen, oplossen, ... , herkennen, vormen
en schrijven.
31. Deelwoord--geroepen-genomen
31. Voltooide deelwoorden van werkwoorden zoals roepen, nemen, ... ,herkennen, vormen
en schrijven.
32. Deelwoord--ontkurkte-fles
32. Voltooide deelwoorden van allerlei werkwoorden als bijvoeglijk naamwoord
herkennen, vormen en schrijven.
33. Deelwoord--spelend
33. Onvoltooide deelwoorden van allerlei werkwoorden herkennen, vormen en
schrijven.
34. Deelwoord--spelend-kind
34. Onvoltooide deelwoorden van allerlei werkwoorden als bijvoeglijk naamwoord
herkennen, vormen en schrijven.
35. Deelwoord-herhaling
35. Voltooide en onvoltooide deelw. als deel van wwgr. of als bijvoeglijk naamwoord
herkennen en schrijven.
36. Persoonsvormen-tt-vt-herhaling
36. Persoonsvormen van allerlei werkwoorden in de tegenwoordige en in de verleden
tijd herkennen en schrijven.
37. Werkwoordvormen-herhaling
37. Persoonsvormen en deelwoorden van allerlei werkwoorden herkennen en schrijven.